Architecten:
Mark Perotti
Joost van Veen
Het ledige erf is een van de markante overgangen van het oude centrum van Utrecht naar de stadsrand. Er is geen sprake van een overgang naar een duidelijke periferie. De locatie is kleinschalig en door de vele krommingen in de infrastructuur redelijk onoverzichtelijk.
De directe omgeving wordt gedomineerd door het karakter van de negentiende eeuwse stadsuitbreidingen. Het karakter van de straten is geënt op de oude stad maar de schaal is groter. Voor het ledige erf speelt schaal een belangrijke rol. Niet alleen de overgang van de oude stad, met zijn kleine schaal en gekromde straten naar de negentiende eeuwse uitbreidingen met een grotere schaal en rechtere belijningen spelen hier een rol.
Ook de singel, die de schaal van de hele stad representeert, het politiebureau aan de tolsteegbarrière, die de schaal van de oude stad omdraait en de drukke weg langs de stadsbuitengracht, die de schaal van de moderne stad ervaarbaar maakt spelen een spel met de schaal van de omgeving. Het thema van schaal is een belangrijk uitgangspunt van het ontwerp.
De verschillende elementen representeren de schaal van hun tijd. Het samenkomen van deze schalen maakt “het ledige erf” tot een boeiende plek in de stad Utrecht. Het ontwerp “Stepping Stone” introduceert een nieuwe schaal van een nieuwe tijd op deze plek. Er is gezocht naar een markante confrontatie met de bestaande schalen. In de Gansstraat is in verband met de behoefte aan continuïteit in de straatwanden gekozen voor een geleidelijker overgang.
Een tweede thema dat wij ontdekten rond het ledige erf is die van de herinterpretatie. Elementen worden zonder problemen omgevormd en aan de behoeften van hun tijd aangepast. De stadswallen die een grimmig en militair karakter hadden zijn in 1890 vriendelijke groene parken geworden die als een halsketting rond de stad liggen. De Tolsluis Poort, ooit een strategisch onderdeel van de vestingwerken, een plek waar de toegang tot de stad beperkt toegankelijk en streng gecontroleerd was is nu een open plein met terrasjes. Afgesloten ruimten met een beschermd karakter worden open en openbaar. In dit plaatje is het braakliggende kavel een boeiend gegeven.
Het stedelijke blok tussen de Gansstraat en de Kromme Rijn eist het kavel duidelijk op met zijn kale wanden. Dit blok dient te worden afgemaakt, lijken de kale muren te willen zeggen. Het ontwerp “Stepping Stone” is een herinterpretatie van deze plek en van het stedelijke gesloten bouwblok waar het deel van uitmaakt.
Op de begane grond wordt een open ruimte gemaakt die deel lijkt uit te maken van de infra-structuur. Tegelijkertijd geeft het verdiepte nivo een intiem en besloten karakter aan de begane grond. Het grand-café maakt ook deel uit van deze publieke ruimte. Opgetild boven het maaiveld biedt het café een fascinerend uitzicht over de singels, de oude stad en het langs razende verkeer. ‘s Nachts speelt de sfeervol aangelichte band tegen het decor van het nachtelijk panorama haar muziek terwijl het verkeer twee meter lager passeert.
Een belangrijk thema van deze locatie is ook de manier waarop hij met de infrastructuur omgaat. Wanneer men uit westelijke richting aankomt duikt de locatie ineens op. De hoge begeleidende wanden van de singel vallen weg. Het kopgebouw moet dat gat opvangen en richting geven aan het verkeer. Vanuit oostelijke richting wordt de bestuurder vanuit de ruim opgezette verkeerswegen richting de smalle doorgang naar het ledige erf geleid. Zelfs met de verbreding van de rijstroken op de brug zal het een krap gevoel blijven geven. Deze slingering in de weg vraagt om een duidelijke uitspraak en een richtinggevende ingreep.
Prijswinnaar Europan 4
Ledig Erf te Utrecht